Het ABC van Kwaliteit: De Letter S

Style

Not many have style
Not many can keep style
I have seen dogs with more style than men,
although not many dogs have style.
Cats have it with abundance.

De kattenliefhebbers onder u zullen dit ongetwijfeld ten volle beamen. Zelf ben ik een beetje jaloers op de manier waarop Charles Bukowski met taal speelt in dit stijlrijke gedicht over stijl. Aan de andere kant, tegenwoordig lijk je veel verder te komen met totaal stijlloze uitspraken. Kijk maar naar de recente resultaten van verkiezingen of lees eens de tweets en facebook berichten van gezagsdragers, ook in dit land. Scherpe en smakeloze uitspraken hebben een grote aantrekkingskracht en verhogen de populariteit van de politicus in kwestie.

Opvallend is dat aan die stijl (of het gebrek eraan) het waarheidsgehalte van de inhoud wordt gekoppeld. Wie geen blad voor de mond neemt en grofgebekt recht voor de raap ongezouten zegt waar het op staat, kan alleen maar de waarheid spreken. Uitdrukkingen genoeg dus, maar geen zo duidelijk als het oer Vlaamse “parler-vrai”, de perfecte weergave van dit veronderstelde verband tussen stijl en inhoud. Kiezers die verklaarden voor Trump te zullen stemmen in de recente Amerikaanse presidentsverkiezingen haalden precies dat argument aan: “He tells it like it is.”
Een beetje raar want bij het nagaan van wat Trump dan precies allemaal zei, bleek dat niet helemaal te kloppen. Of beter: klopte dat helemaal niet. Door fact-checkers werd aangetoond dat vijftig tot tachtig procent van wat hij tijdens de campagne verklaarde, feitelijk niet waar was. Anders gezegd: “he told it like it was not”. Voor zijn kiezers was dat duidelijk totaal niet van belang, de stijl is de inhoud.

Anderzijds: stijlrijk en vlot ter taal zijn, is ook geen garantie op de enige unieke waarheid. In de media is men verzot op mensen die het goed kunnen uitleggen. Begrijpelijk, zeker op radio en tv heb je graag iemand die zijn standpunt duidelijk kan uiteenzetten. Nieuws is entertainment en dat moet vooruitgaan. Wie moeilijk uit zijn woorden komt, heeft er niets te zoeken. Maar specialisten die tevens vlot ter taal zijn, lopen dun gezaaid. Extreem dun in Vlaanderen waardoor steeds dezelfde beperkte groep mensen, the usual suspects, gevraagd wordt om hun mening te geven over de actualiteit. Op den duur krijgen we wel een erg eenzijdige kijk.

Om maar één voorbeeld te geven: in heel België kent blijkbaar maar een mens iets van belastingen en dat is VUB professor Michel Maus. Want welke beslissing er ook valt in dat domein, de visie van de heer Maus zal je horen, zien en lezen op radio en tv, nieuwswebsites en omzeggens alle kranten met “De Morgen” en “De Standaard” voorop. Toegegeven, we hebben een hopeloos ingewikkelde belastingwetgeving, maar het is nu ook de algemene relativiteitstheorie niet. Geen slecht woord over mede-Bruggeling Michel maar met een beetje inspanning moet het toch mogelijk zijn om eens iemand anders over die materie aan het woord te laten?

Wat zich in de grote wereld voordoet, zie je uiteraard ook in de microkosmos van een organisatie. Naar wie wordt in uw organisatie geluisterd? Naar diegenen die het goed kunnen uitleggen of naar zij die er een parler-vrai op nahouden? En wat met die massa mensen die tussen de brulboeien en de mooipraters in vallen? Komen die ooit aan bod? Wie rustig en onopvallend zijn werk degelijk doet, zou best wel eens een aantal goede ideeën kunnen hebben. Mits wat inspanning zijn ze er misschien toe te bewegen ze ook te uiten en te delen. Dat geldt onafhankelijk van het niveau waarop iemand staat in de organisatie. Laat u zich dus vooral niet leiden door stijl of functie bij het beoordelen van een boodschap, luister vooral naar de inhoud.

En als u dan toch wat aandachtiger aan het luisteren bent: let er eens op hoe veel tijd er wordt besteed aan het uitleggen waarom iets niet kan. U zult versteld staan van de vindingrijkheid van zij die het goed kunnen uitleggen.